Image is not available

UNIEKE UITGAVE!

NIEUW!

Arrow
Arrow
Slider
loading...
 
Welke adviesorganen / brancheverenigingen zijn er?
 
Beroeps- en belangenorganisaties Wondbehandeling in binnen- en buitenland.
 
Binnenland

Logo NOVW 1 
NOVW (Nederlandse Organisatie voor Wondprofessionals)
Is de beroepsorganisatie voor ALLE wondprofessionals in de intra- en extramurale gezondheidsheidszorg. De NOVW richt zich vooral op de brede aspecten ten aanzien van de verbetering van de wondzorg, zoals vroegtijdige diagnostiek, transmurale overdracht, registratie, scholing, erkenning van opleiding, eenduidige richtlijnen en protocollen, een eenduidige aanpak. Dit alles om de wondzorg dichter bij de patiënt te krijgen. Met als doel het verkrijgen van tijdwinst bij de behandeling of verzorging, waardoor een wond sneller geneest. 
Logo WCS 
WCS Woundcare Consultant Society  
Het WCS Kenniscentrum Wondzorg heeft als doel het kennisniveau van professionals in de gezondheidszorg te verhogen, om daarmee de kwaliteit van de wond- en huidzorg te verbeteren. De WCS tracht dit doel onder meer te bereiken door het organiseren van cursussen, congressen, symposia, bijscholingen en lezingen. Maar ook door het het uitgeven van publicaties (WCS Nieuws en het WCS Wondenboek).
www.wcs.nl
 
NDVD (Nederlandse Vereniging voor Dermatologie en Venereologie) 
Is de beroepsvereniging van de Nederlandse dermatologen. De doelstelling van de vereniging is de bevordering van de studie van huidziekten. Naast wetenschappelijke activiteiten en allerlei organisatorische aspecten zoals de belangenbehartiging van haar leden, heeft de NVDV ook een publiek doel, namelijk om mensen te informeren over het voorkomen van en de achtergronden achter huidaandoeningen. Dit doet zij door uitgifte van publicaties, folders, of via informatie op de website.
 
Logo Wondplatform
Wondplatform Nederland
Het Wondplatform is opgericht op 15 april 2010 waarin partijen betrokken bij de wondzorg in Nederland samen werken aan een aantal gezamenlijke doelen. 
www.wondplatform.nl
 
V&VN Wondconsulenten
V&VN staat voor Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland. Zij zijn de beroepsvereniging van en voor verpleegkundigen en verzorgenden.
 
Buitenland


logo EWMA 
EWMA (Europese Wound Management Association)
De (EWMA) werd opgericht in 1991 en is een overkoepelende organisatie in Europa die verenigingen op wondgebied koppelen en wondprofessional en organisaties die geïnteresseerd zijn in wondbehandeling samen brengt.
Meer info EWMA
 

EPUAP (European Pressure Ulcer Advisory Panel)
 
 
 
 

De site www.startwondverzorging.nl is het onbetwiste startpunt voor iedereen die iets wil weten over wondzorg. Of het nu gaat om behandelingen, protocollen, richtlijnen, producten, leveranciers, beroeps gerelateerde organisaties, casuïstiek of de laatste ontwikkelingen in de wondzorg markt. Deze website wordt dagelijks aangevuld met nieuwe informatie. Heeft u zelf ook interessante links, nieuws, of wilt u ook iets schrijven over over een bepaald onderwerp of een andere bijdrage leveren aan de website om deze zo informatief mogelijk te maken, dan zijn uw ideeën van harte welkom. Stuur een mail naar:startwondverzorging@gmail.com

Adverteerders startwondverzorging

Slider


Het concept wondbedpreparatie en het TIME model werd ontwikkeld in 2003 als ondersteuning voor clinici om de barrières ten aanzien van de wondgenezing bij individuele patiënten te identificeren. Om zo correcties  aan te brengen en wondbehandelingsstrategieën te ontwikkelen. Uit studies blijkt dat wanneer wondzorgverleners de principes van wondbedpreparatie leren hanteren en standaard behandelingen toe te passen die op het TIME-principe gebaseerd zijn, het kennisniveau van de wondzorgverleners aanzienlijk toenam. Hetgeen resulteerde in een betere genezing.
Sinds 2003 is de wetenschap van wondbedpreparatie op verschillende belangrijke gebieden toegenomen en zijn er nieuwe technologieën ontwikkeld, hetgeen de effectiviteit van op het TIME-principe gebaseerde behandelingen ten goede komt.


Een normale wondgenezing verloopt volgens vier opeenvolgende fasen (haemostatis, inflammatie, herstel en remodellering), met als resultaat een litteken  van het herstelde weefsel, waardoor de belangrijkste functies van de huid behouden blijven.
Helaas maken sommige complexe wonden niet alle vier de genezingsfasen door en stagneren in een bepaalde fase van herstel, waardoor de acute wond chronisch kan worden. De meeste wondzorgverleners worden uiteindelijk geconfronteerd met wonden die niet genezen, ondanks hun pogingen om de factoren te achterhalen die de genezing in de weg staan en een behandelregime te ontwikkelen dat zorgt voor optimale genezingscondities voor de betreffende wond.

Wondbedpreparatie
Vanaf 1990 breidde de kennis over de moleculaire en cellulaire regulatie bij een normale wondgenezing zich snel uit. Daarnaast werden er belangrijke ontdekkingen gedaan op het gebied van abnormale parameters van de moleculaire, cellulaire en microbiële omgeving van de chronische wond. In 2003 kwam een groep van tien artsen, verpleegkundigen en basiswetenschappers bijeen om een eenvoudig raamwerk  op te stellen van de belangrijkste klinische beoordelingsmethodes en behandelmogelijkheden, dat voor de meeste complexe wonden de factoren zou kunnen vaststellen en corrigeren of wegnemen. Het resultaat was het geïntegreerde concept van wondbedpreparatie en het acroniem TIME, dat een gestructureerde benadering van wondmanagement biedt.

De T van TISSUE (weefsel)
Debridement of het verwijderen van niet-vitaal of niet-functioneel weefsel (fibreus of verhard/vereelt), dat geen optimaal weefselherstel was, werd over het algemeen gezien als genezingsbevorderend. Toch meende men niet dat frequent uitgevoerd debridement de belangrijkste factor was bij het bevorderen van de genezing van chronische wonden. Tot een retrospectieve analyse van patiënten binnen een RCT op het gebied van groeifactortherapie (platelet-derived growth factor [PDGF]) , een grote verbetering toonde van de genezing van diabetische voetulcera die zowel de standaard zorg hadden gekregen alsmede de groeifactortherapie.  Dit leidde tot de eerste belangrijke component van wondbedpreparatie, TISSUE (weefsel), die de T van het TIME-acroniem vormt. In meer recente retrospectieve analyses van grote gerandomiseerde cruciale klinische onderzoeken naar plaatselijke behandelmogelijkheden was sprake van centra waar patiënten vaker debridement ondergingen en die in verband werden gebracht met grotere aantallen gesloten wonden bij zowel chronische veneuze beenulcera als bij diabetische voetulcera.

De I van INFLAMMATIE (ontsteking)
Het feit dat infectie en een hevige ontstekingsreactie de wondgenezing ernstig kan verstoren, was al eeuwenlang erkend. Ook was er voor 1990 al enige algemene kennis over deze verstoring van het genezingsproces. Het was bijvoorbeeld bekend dat veel bacteriën exotoxine en endotoxine moleculen synthetiseren die toxisch zijn voor wondcellen. Vanaf 1990 echter begon men, door grondiger biochemische analyses van wondvocht in acute en chronische wonden, in te zien dat er grote verschillen waren in de belangrijkste moleculaire regulatoren bij het wondgenezingsproces, vooral de verhoogde proteaseniveaus (matrixmetalloproteïnases of MMP’s) en neutrofiele elastase. De consequent verhoogde proteolitische activiteit in wondvocht van complexe (chronische) wonden  werd  in verband gebracht met de vernietiging van essentiële groeifactoren, hun receptoren en extracellulaire matrixproteïnen. Daarnaast zag men dat veel MMP-activiteit. De genezing van complexe (chronische) wonden remde. Het was dan ook duidelijk dat tijdens het prepareren van de wond het doen afnemen van infectie en ontsteking prioriteit had.

Dit inzicht in het verband tussen infectie en ontstekingsreactie enerzijds en verhoogde hoeveelheden protease in het wondbed van chronische wonden anderzijds heeft geleid tot de uiteindelijke ontwikkeling van wondverbanden die collagene vezels bevatten. Deze vezels dienen als substraat dat wordt ‘geofferd” aan (in aantal toegenomen) proteasen in de wondvloeistof, die deze vervolgens ‘opsouperen’  en afbreken, hetgeen de proteolytische schade aanzienlijk doet verminderen aan eiwitten die essentieel zijn voor de wondgenezing, zoals groeifactoren, receptoren en extracellulaire matrixproteïnen in het wondbed.

In aanvulling op de ontwikkeling van wondverbanden die de proteaseactiviteit doen verminderen is er de ontwikkeling van snelle ‘point-of-care detectoren’ die de hoeveelheid actieve MMP’s in het wondvocht kunnen vaststellen. Op dit moment worden er nog verdere snelle detectors ontwikkeld, die tegelijkertijd meerdere biomarkers van genezing in het wondvocht of serum kunnen meten. Een andere ontdekking die het belang van het bestrijden van een infectie in het wondbed verder onderschrijft, was dat het grootste deel (60%) van alle chronische wonden een bacteriële biofilm hadden.

Bacteriën in een volgroeide biofilm prima bieden bijzonder weinig tegenstand tegen  antilichamen en reactieve zuurstofradicalen (ROS = reactive oxygen species) locale antibiotica, zilverprodukten en polyhexamethylene  biguanide (PHMB of polihexanide) welke normaal gesproken zeer effectief de planktonische (eencellige) bacteriën doodt(18) . Om de vorming van een biofilm in een chronische wond snel te beperken, is de beste optie dan ook om deze volgroeide biofilm, die zeer stevig aan het wondbed vast zit, te verwijderen door middel van debridement.
Klinisch onderzoek toont echter aan dat een biofilm in een chronische wond zich binnen 48 tot 72 uur na een effectief debridement volledig kan herstellen, wanneer men niet direct een bacterieremmend wondverband aanbrengt(19) .

De M van MOISTURE (wondvocht)balans
Het bevorderen van een optimale vochtbalans in het wondbed heeft een enorm positief effect op de genezing van een open wond. Toch is het voor clinici een van de meest uitdagende aspecten bij het uitvoeren van de TIME-principes. Dit komt doordat de hoeveelheid wondexsudaat, in een paar dagen tijd dramatisch kan toenemen en van grote invloed kan zijn op het welzijn van de patiënt en kwaliteit van leven. Clinici die de TIME-principes toepassen, zijn zich doorgaans goed bewust van de noodzaak om het onderliggend lijden aan te pakken. Bijvoorbeeld, een clinicus die getraind is in het uitvoeren van een wondbedpreparatie en bekend is met de TIME-principes, begrijpt waarschijnlijk beter hoe belangrijk het is om compressie toe te passen bij een exuderend beenulcer met een veneuze component. Daarnaast zal hij of zij waarschijnlijk in staat zijn om de hoeveelheid exudaat in de wond nauwkeurig vast te stellen en te beschrijven.


De E van EDGE: De RAND van de wond (migratie van epitheelcellen)
Gezonde epitheelcellen die zich van de wondrand af bewegen, is waarschijnlijk de meest gevoelige indicator bij het bepalen of de drie andere componenten van TIME goed zijn uitgevoerd. Epitheelcellen kunnen zich niet vermenigvuldigen en niet migreren (zich verplaatsen) over een laag fibrinebeslag er geen goed debridement is uitgevoerd. Ontstekingsreactie in de wond dient te worden teruggedrongen, zodat de hoeveelheid protease in de wond kan verminderen en daarmee de nodige groeifactoren en extracellulaire matrixproteïnen niet worden vernietigd. Zodat de epitheelcellen in staat worden gesteld zich te vermenigvuldigen en zich te verplaatsen (migreren). De hoeveelheid wondvocht dient optimaal te zijn om te voorkomen dat er maceratie optreedt in de vorm van een laagje niet-verhoornde epitheelcellen, en een door de maceratie verstoorde migratie van deze cellen. Daarnaast vertonen chronische wonden, die soms maanden en zelfs jaren kunnen voortbestaan, vaak een ‘verouderd fenotype’, wat zichtbaar is door de, als reactie op de groeifactoren, verminderde aanmaak en migratie van nieuwe cellen in de wond, zelfs onder ideale omstandigheden, dus in een kweekschaaltje in een laboratorium.

De E van TIME wordt door clinici niet altijd goed begrepen. Dit komt misschien doordat de (conditie van de) cellulaire omgeving niet alleen door observatie kan worden beoordeeld en doordat clinici soms niet voldoende weten over de rol van MMP’s en de effecten van celveroudering. Toch bestaat er een opleidingsprogramma dat gebaseerd is op het TIME-principe, om kennis en kunde op dit gebied te bevorderen, en waardoor patiënten met wonden die niet binnen de verwachte tijd genezen, doorverwezen kunnen worden naar specialistische hulp en toegang krijgen tot vormen van geavanceerde therapie. Het regelmatig evalueren van de wond vormt een essentieel onderdeel van het toepassen van het “E” –element van het TIME-principe, zodat niet-genezende wonden tijdig kunne worden ontdekt en behandeld.


Bron: Wounds 2012 (http://www.woundsinternational.com), Auteurs: Gregory Schultz, Caroline Dowsett, vertaling: Annemieke Quax, Nederlands Tijdschrift voor Wondzorg

Gecompliceerde wonden